Unified shaders
De kaarten die in de jaren 2004 tot en met 2006 uitkwamen waren allemaal DirectX 9 compatible en werden steeds door ATI en Nvidia weer wat sneller gemaakt door meer vertex en pixel shader units toe te voegen, de klokfrequenties te verhogen en andere trucs toe te passen. We maken dan ook een sprongetje naar 2007, toen de volgende nieuwe, echt grote innovatie beschikbaar kwam: unified shaders. Nvidia kwam er vlak voor de jaarwisseling van 2006-2007 mee bij de GeForce 8800 GTX en AMD (dat ATI inmiddels had overgenomen) een half jaartje later met de Radeon HD 2900 XT.
Bij unified shaders worden dezelfde rekeneenheden gebruikt voor zowel vertex- als pixel-berekeningen. In feite worden GPU’s op deze manier universele processors met grote aantallen mini-cores, die allemaal afzonderlijk niet zo snel zijn, maar wel heel goed zijn in het parallel verwerken van data. Voor games hebben unified shaders het voordeel dat in veel meer situaties de volle potentie van de GPU gebruikt kan worden: heeft een scene van een game meer vertex-rekenkracht nodig, dan worden meer eenheden daarvoor gebruikt. Vereist een scene juist meer pixel shaders, dan worden meer rekeneenheden voor die taken ingezet. Voor het gebruiken van unified shaders is het dan nieuwe DirectX 10 vereist, die uiteraard zowel door de GeForce 8-serie als de Radeon HD 2000-kaarten ondersteund wordt. De komst van unified shaders zet ook de deur open voor het gebruik van GPU’s voor andere taken dan 3D-beelden. Tijdens de officiële perspresentatie van AMD over de Radeon HD 2900 XT hoorde een groter publiek voor het eerst over het fenomeen GPGPU (General Purpose GPU), een techniek die in de jaren daarna een grote vlucht zou nemen.
De GeForce 8800 GTX was echt een beest van een kaart, zoals ook te lezen in onze review. Nog afgezien van het feit dat de 8800 GTX eind 2006 de enige DirectX 10-compatibele videokaart was, bleek de kaart ook nog eens gemiddeld zo’n 70% sneller dan de snelste single-GPU kaart uit de GeForce 7-serie! Waar we toen nog wel aan moesten wennen, is inmiddels gemeengoed: high-end videokaarten zijn sinds deze periode a) minimaal twee slots dik, b) prijzen van 600 euro of meer zijn niet ongebruikelijk en c) over het stroomverbruik moeten we het maar niet te lang hebben…
Om er maar voor te zorgen dat hun GPU sneller was, nam AMD voor de R600 chip van de Radeon 2900 XT de gewaagde stap om een 512-bit geheugenbus te implementeren, die in de chip als zogenaamde ringbus was verwerkt. Zo’n ringbusarchitectuur zou jaren later door Intel worden toegepast om de cores in haar moderne CPU’s met elkaar te laten communiceren, maar voor AMD beviel het toch niet zo goed. Qua prestaties ontliepen de ATI en Nvidia kaarten uit 2007 elkaar niet veel, zoals je kunt lezen in onze review.

De Nvidia GeForce 8800 GTX, de eerste videokaart met unifief shaders.